Je lijf doet niet moeilijk. Het doet wat het geleerd heeft
Nog vóór je iets kunt bedenken, trekt je schouder samen. Nog vóór je woorden vindt, houdt je adem even in. Niet omdat je dat wilt. Niet omdat je zwak bent. Omdat je lijf reageert.
We zijn geneigd om die reacties te beoordelen. Als te veel, te gevoelig, te heftig. Of juist het tegenovergestelde: te vlak, te afgesloten, te rustig aan de buitenkant. En wat als dat niet klopt? Wat als je lijf niet tegenwerkt en ook niets heeft dat gerepareerd moet worden?
Je lijf onthoudt wat jij ooit nodig had om door te gaan, om je aan te passen, om veilig te blijven. Spanning, alertheid, terugtrekken of doorgaan zijn geen fouten. Het zijn aangeleerde bewegingen. Niet bedacht, wel betrouwbaar.
Daarom werkt praten alleen vaak niet genoeg. Je kunt iets volledig begrijpen en toch blijven reageren zoals altijd. Niet omdat je het niet snapt, maar omdat je lijf iets anders heeft geleerd dan je hoofd kan uitleggen. Verandering vraagt dan niet om méér inzicht, maar om een andere ervaring.
Lichaamsgericht werken begint niet bij voelen “omdat het moet”. Het begint bij waarnemen. Bij vertragen. Bij opmerken wat er gebeurt, zonder het meteen te duiden of te sturen. In die ruimte kan iets nieuws ontstaan. Niet omdat je hard werkt, maar omdat je lijf merkt dat het niet meer hoeft vast te houden.
Werkelijke verandering ontstaat niet door forceren. Ze ontstaat wanneer het veilig genoeg is om iets los te laten. Zonder druk, zonder doel, zonder bewijsdrang.
Misschien is dit geen uitnodiging om iets te doen. Misschien is het een uitnodiging om iets niet langer te corrigeren. En te beginnen met luisteren naar wat je lijf allang weet.
Liefs, Fem

